(* gefingeerde naam en foto)
Mijn naam is Tumaini. Ik ben 24 jaar en de oudste van 4 kinderen. Ik heb in de afgelopen jaren hulp gehad van NGO Acodeta en heb inmiddels mijn beroepsopleiding afgerond. Ik wil heel graag mijn getuigenis met u delen.
Omdat er geen vader was in ons gezin, was ik samen met mijn broers en zussen afhankelijk van de zorg en steun van onze moeder. Mijn moeder was toverdokter en als wij ziek waren dan kregen wij nergens anders hulp dan van haar. Want onze moeder liet ons geloven dat zij de enige was die ons beter kon maken. Dit maakte ons totaal afhankelijk van haar; voor welk probleem dan ook. Onze moeder werd onze god.
Tijdens het eerste jaar van mijn beroepsopleiding begon ik nachtmerries te krijgen. In deze dromen werd ik door heel veel mensen achterna gezeten; at ik van alles en had ik seks met onbekende mannen. Ik voelde me enorm aangevallen en huilde tot in de vroege ochtend.
Uiteraard stelde ik mijn vertrouwen op mijn moeder. Zij zei dat ik naar huis moest komen voor haar “medische behandelingen” . Langzamerhand verdwenen de nachtmerries.
Een jaar later kreeg ik pijn op mijn borst. Mijn moeder gaf me medicijnen en ik werd weer beter. Toch begon ik steeds vaker duizelig te worden en flauw te vallen. Soms werd ik wakker in het ziekenhuis met 2 vriendinnen naast mijn bed. Zij vertelden dat ze mij naar het ziekenhuis hadden gebracht omdat ik was flauwgevallen. Het gekke was dat de dokters niets konden vinden.
Toen ik aan mijn moeder vertelde wat er was gebeurd, zei ze dat dit te maken heeft met toverij. Ze raadde mij aan om thuis te komen zodat ik beschermende medicijnen kon nemen. Opnieuw ging ik naar huis voor traditionele rituelen en medicijnen.
Daarna viel ik steeds vaker flauw en ging ik geestelijke wezens zien. Een van mijn vriendinnen stelde voor om naar de kerk te gaan voor gebed. Ik herinner me dat mijn moeder felle woorden sprak dat deze vriendin een heks en een leugenaar was. Omdat ik mijn moeder volledig vertrouwde nam ik afstand van deze vriendin en uiteindelijk verbrak ik de vriendschap.
Ik bleef continue flauwvallen en mijn moeder bleef mij aanmoedigen om haar medicijnen in te nemen. Maar ze hielpen niets.
Tijdens het laatste studiejaar ging het gelukkig beter met mij en terwijl ik wachtte op de diploma-uitreiking ging ik vrijwilligerswerk doen bij NGO Acodeta.
Tijdens het kennismakingsgesprek vertelden de leiders dat zij alle dingen samen met God doen. En als ik met hen wilde samenwerken, dat het dan belangrijk was dat ik God ken en leef naar Zijn wil. Ik stemde daarmee in, maar toen ik thuis kwam besefte ik dat ik God helemaal niet ken. Ik had nooit gebeden en was nog nooit naar de kerk geweest. Bovendien nam ik iedere dag medicijnen van een toverdokter en mijn levensstijl was verre van goddelijk. Ik hoopte dat zij hier niet achter zouden komen.
Het vrijwilligerswerk werd gedaan bij Christian thuis. Samen met andere vrijwilliger Philip werkten we soms tot de avond door. Christian ging iedere avond met zijn vrouw en kinderen bidden. Hij had al eerder gezegd dat ik mee mocht doen, maar ik was altijd bang dat ze erachter zouden komen dat ik betrokken was bij hekserij. Deze avond stemde ik met tegenzin in.
Christian vertelde hoe hij Jezus heeft leren kennen en zei dat ik niet bang hoef te zijn. Toen ze begonnen te bidden werd ik weer duizelig en viel ik flauw. Nadat ik was bijgekomen vertelde Christian dat ik last had van boze geesten en dat ze samen voor mij hadden gebeden. Ze geloofden dat Jezus me had vrij gemaakt. Ik bedankte hen maar diep van binnen was ik heel kwaad dat ze hadden ontdekt dat ik betrokken was bij hekserij.
Enige tijd later begon Christian wat vragen over mijn leven te stellen. Ik vertelde over mijzelf en mijn familie. Ik wilde niets verbergen en voelde tijdens het gesprek dat diep in mijn binnenste vrijheid en ruimte kwam. Toen Christian vroeg of ik gered wil worden door Jezus en Hem in mijn leven wilde aannemen zei ik ja.
Ik werd uitgenodigd om bij pastor Joseph meer te leren over de bijbel en hoe te bidden. Onderweg naar hem toe begon ik hele rare dingen te zien. Overal om mij heen vielen mannen en vrouwen dood neer! Het was vreselijk eng en ik begon te gillen. Christian had geen idee wat er aan de hand was en bad tot God totdat ik weer rustig was.
Ondanks de angstaanjagende busreis was ik heel blij dat we veilig bij pastor Joseph aankwamen. Hij leerde mij hoe ik de bijbel kan begrijpen en kan toepassen in mijn leven. Er was niet eerder iemand geweest die mij dit had uitgelegd.
Ik vertelde mijn moeder wat ik allemaal had meegemaakt en drong er op aan dat ze zou stoppen met haar toverpraktijken. Ik legde uit dat God haar vrij kon maken. Maar mijn moeder snapte er niets van. Ze zei dat dit allemaal foute mensen zijn die mij uiteindelijk zullen doden. Ze zei dat ik afstand van hen moest nemen en omdat ik mijn moeder vertrouwde, luisterde ik naar haar.
Dus ik vroeg aan Christian of hij mij voortaan met rust wilde laten. Christian was heel verbaasd en zei dat ik mijn moeder niet moest geloven en mijn vertrouwen alleen op God moest stellen.
Ik had geen idee wie ik moest geloven: mijn moeder of deze christenen?
Toen ik ’s avonds thuis kwam kreeg ik een visioen: ik zag mijn moeder, gekleed in een heksengewaad. Ze kwam samen met een groep mensen naar mijn huis. Zij zeiden dat ze me nodig hadden en dat ik met hen mee moest gaan. En dat ik naar geen enkele christen meer moet luisteren. Het was angstaanjagend! Ik was doodsbang en dit was het moment dat ik me heel duidelijk realiseerde dat mijn moeder zich bezig houdt met duistere praktijken.
Ik belde meteen naar pastor Joseph en die legde uit dat ik in een geestelijke strijd terecht ben gekomen met de heksen. En dat dat komt omdat ik nu bij Jezus hoor. Hij leerde mij hoe ik moest bidden. In de naam van Jezus stuurde ik deze boze geesten weg en verbrak ik alle verbintenissen met satan en zijn demonen. Ik vroeg aan God om mij verder te leiden en te beschermen.
Vanaf toen ging ik naar de kerk en ontdekte ik dat de invloed van mijn moeder en de hekserij geen grip meer op mij hadden. Ook heb ik alle spullen die met hekserij en toverij te maken hebben verbrand. Vervolgens nodigde ik mijn broertjes en zusjes bij mij thuis uit. Ik vertelde hen wie God is en hielp hen op weg om ook in God te kunnen geloven. Dat wilden zij en zo werden ook zij bevrijd van de demonische en duistere machten.
Nu bid ik iedere dag, samen met mijn broers en zussen voor onze moeder. We hopen dat ze haar hart opent voor de Enige, ware God en zich laat redden door Zijn Zoon Jezus Christus.
Mijn oprechte dank gaat naar:
Stichting Tan-kids, voor de financiële steun en de gebedssteun gedurende mijn hele schooltijd. Moge God hen rijkelijk zegenen en een lang leven schenken en mogen anderen hulp ontvangen via deze organisatie.
Christian, voor zijn aanmoediging om Jezus te leren kennen en voor zijn strijd voor mij, vanaf het moment dat ik in de greep van de duisternis was.
Pastor Joseph, voor het onderwijzen van Gods woord en voor zijn gebeden toen ik moeilijkheden ondervond.
Hemelse Vader, zegen iedereen die dit leest overvloedig. Ik vertel nu ook aan anderen over U.
Ik heb vrede, een goede gezondheid en meer dan genoeg geluk.
Deuteronomium 11:13-16
“Gehoorzaam daarom de geboden die ik u vandaag heb gegeven: heb de HEER lief en dien Hem met heel uw hart. Als u dat doet, zal Hij regen op uw land zenden wanneer dat nodig is, in de herfst en in de lente, zodat er graan, wijn en olijfolie voor u zal zijn, en gras voor uw vee. U zult al het voedsel hebben dat u wenst. Laat u niet van de HEER afleiden om andere goden te aanbidden en te dienen.”
Tumaini.
